Prevalentie van probleemdrinken in Nederland. Een algemeen bevolkingsonderzoek
Onderzoek uitgevoerd naar de prevalentie van probleemdrinken in de algemene bevolking. Uit het onderzoek blijkt dat 10,3% van de Nederlanders van 16 tot en met 69 jaar veel drinkt én daar problemen van ondervindt.
Het onderzoek werd uitgevoerd onder bijna 8.000 Nederlanders van 16 tot en met 69 jaar. Analyse van de gegevens leidt tot een aantal meer en minder verrassende conclusies. Zo blijkt probleemdrinken vaker voor te komen bij mannen en jongeren en minder vaak bij mensen met een partner en met kinderen. De hoogste prevalentie wordt gevonden bij jongeren van 16 tot en met 24 jaar. Een op de drie jongens en een op de tien meisjes uit die leeftijdscategorie heeft een drankprobleem. Bij oudere leeftijdsgroepen is het percentage probleemdrinkers ruimschoots lager: 7,7% van de 35 tot en met 54-jarigen en 5,4% van de 55 tot en met 69-jarigen.
De resultaten van het nieuwe onderzoek tonen aan dat de in de Beleidsagenda 2000 genoemde doelstelling van het alcoholbeleid (8% probleemdrinkers in de bevolking van 16 tot en met 69 jaar in 2004) niet gehaald is. Vooral het probleemdrinken onder jongeren is zorgwekkend. Ik zal u op korte termijn een beleidsbrief toezenden met maatregelen gericht op het terugdringen van alcoholgebruik onder jongeren. Deze beleidsbrief kan in het algemeen overleg op 14 april a.s. over de evaluatie van de Drank- en Horecawet aan de orde komen.